.
De Internationalist
Januari 2002 


Braziliaanse arbeiders mobiliseren zich voor de vrijheid van Mumia Abu-Jamal

CUT/RJ 

Spandoek van de CUT-vakbonds-federatie op 22 november 1999.

In een veelbewogen vertoning van internationale solidariteit van de arbeidersklasse, hebben Braziliaanse arbeiders zich herhaaldelijk gemobiliseerd om de vrijheid van Mumia Abu-Jamal te eisen. Deze serie van stakingen en demonstraties markeert een essentiële stap voorwaarts in de strijd om de radicale zwarte journalist te redden, die al 17 jaar in Pennsylvania’s dodencel zit. Het daagt de arbeidersbeweging wereldwijd uit, hun kolossale macht te gebruiken om de racistische doodstraf af te schaffen.

  • 10 november 1999: de vakbonds-federatie CUT in Rio de Janeiro maakte de oproep voor de vrijlating van Mumia één van de eisen van een werkstaking van een dag door vakbonden door de hele staat.
  • 22 november: een door de vakbonden geleide demonstratie in Rio op de “Dag van het Zwarte Bewustzijn” maakte de vrijheid voor Mumia één van de centrale eisen. 
  • 25 november: Een staking van een dag door bankbediendes in de staat Rio de Janeiro bevatte de eis “Liberdade para Mumia Abu-Jamal”.
  • 7 december: de lerarenvakbond in Rio (SEPE) voerde een halve dag aktie, waarbij vrijheid voor Mumia één van de centrale eisen was.
Dit was de tweede keer dat leraren in Rio werkonderbrekingen hadden ondernomen met de eis voor vrijheid van Mumia. Op 23 april 1999 hield de SEPE door het hele land een 2 uur durende werkonderbreking en protestbijeenkomsten voor Mumia’s vrijheid. Die aktie werd gevoerd samen met de aktie door de ILWU-havenarbeiders in de V.S., die op 24 april elke haven aan de westkust plat legden gedurende 10 uur met de eis: “Stop de executie! Bevrijd Mumia Abu-Jamal!”

Het Verbond voor de Vierde Internationale (League for the Fourth International, LFI) heeft een vooraanstaande plaats ingenomen in recente krachtinspanningen de macht van de arbeidersklasse te mobiliseren om de machinerieën van kapitalistische staatsmoord stop te zetten. De kameraden van onze Braziliaanse sectie, de Liga Quarta-Internacionalista do Brasil (LQB), namen het initiatief voor de werkonderbreking van de leraren op 23 april 1999, alsook voor de daaropvolgende vakbondsakties in Rio waar de onmiddelijke vrijheid van Mumia werd geëist. Vakbonden in de hele wereld, die miljoenen arbeiders vertegenwoordigen, hebben opgeroepen voor Mumia’s vrijheid. De essentie is deze oproepen om te zetten in krachtige arbeidersakties, waar de Braziliaanse arbeiders mee begonnen zijn. De tijd dringt. In oktober 1999 tekende de gouverneur van Pennsylvania, Tom Ridge, voor de tweede keer een bevelschrift voor de executie van Mumia. Met het habeas corpus-beroep door Mumia’s advokaten aan het federale districtsgerechtshof is een uitstel van executie gewonnen totdat er een beslissing valt. Maar dat wint alleen een beetje tijd, en we moeten die tijd effectief gebruiken om de internationale arbeidersklasse te mobiliseren in de verdediging van Mumia.

Op 10 november 2000, gedurende de nationale werkonderbrekingen in protest tegen het anti-arbeidersklasse “bezuinigings”-beleid van de Braziliaanse president Fernando Henrique Cardoso, droegen journalisten in de hoofdstad Brasilia borden met Mumia’s afbeelding waar-op voor z’n vrijheid werd opgeroepen. De krachtigste vertoning van vakbonden uit Rio de Janeiro kwam van de leraren (die 61 van de 89 scholen in Rio hadden platgelegd), bankbediendes, ambtenaren van Sociale Zaken en arbeiders in de olie-industrie - dezelfde vakbon-den die op een in het oog vallende manier streden voor Mumia’s zaak. In de Rio-stoet droeg de geluidswagen van de Central Única dos Trabalhadores een CUT spandoek die verklaarde: “Arbeiders van Brazilië eisen ook in de algemene staking: VRIJHEID voor Mumia Abu-Jamal! Lang Leve Zumbi en João Cândido!” Zumbi was de leider van de quilombo (gemeenschap van ontsnapte slaven) uit Palmeres die op 20 november 1695 door koloniale huurtroepen was vermoord. Jaarlijks wordt er een tocht gehouden ter herdenking van deze voorvechter voor zwarte vrijheid. João Cândido was de leider van de Revolta da Chibata (zweepopstand) van zwarte matrozen in de Braziliaanse marine, die op 22 november 1910 uitbrak. 

Na de werkonderbrekingingen van 10 november, op een vergadering in de CUT-kantoren in Rio de Janeiro, stemde de Conexão Zumbi (Zumbi Verbinding) voor het opnemen van de eis voor Mumia's vrijheid als een focus van de demonstratie van 22 november omtrent "zwart bewustzijn". Een pamflet van Conexão Zumbi kondigde aan dat de strijd gericht was tegen racisme, sexisme, het economisch beleid van Cardoso en "voor de bevrijding van de vooraanstaande zwarte Afro-Amerikaanse leider Abu-Jamal." In haar dagelijks bulletin (Rápido, 16 november) bracht de CUT onder de aandacht dat de demonstratie ter ere van Zumbi ook de vrijheid eiste "van de Amerikaanse journalist Mumia Abu-Jamal, die nu in de dodencel zit." Een paar weken geleden wonnen Mumia's advokaten van rechter William Yohn van Philadelphia een uitstel van de executie die was vastgesteld voor 2 december. Dit zal hem tot maart in leven houden maar hij is nog steeds in levensgevaar." 

In de daaropvolgende dagen stelden CUT-bulletins herhaaldelijk de eis voor Mumia's vrijheid in het licht, en de november-editie van haar krant Conquista had het opschrift: "CUT wil vrijheid voor Abu-Jamal." Het artikel merkte op dat: "De zwarte beweging in Rio de Janeiro en de CUT in Rio zijn betrokken in een campagne voor de vrijheid van Abu-Jamal. Dit was in feite één van de aandachtspunten van de nationale dag van werkonder-brekingen en protesten op 10 november." Na het opmerken van het politieke karakter van Mumia's doodstraf en de ontelbare "onregelmatigheden" van z'n rechtszaak van 1982 concludeerde Conquista: "In zulke zaken is het altijd de moeite waard zich de martelaren van Chicago weer in het geheugen te roepen die later, ná hun executie, onschuldig bevonden werden", verwijzend naar de arbeidersstrijders die ter dood veroordeeld waren na de bomprovokatie op Haymarktet Square in 1886 en die elk jaar op de Dag van de Arbeid herdacht worden. 

De demonstratie in Rio op 22 november 2000 trok zo'n 500 deelnemers aan, waarbij ook João Cándido's zoon en dochter (zijn dochter hield een toespraak bij de afsluitende bijeenkomst). Een brief van Mumia aan de Braziliaanse arbeiders werd voorgelezen, waarin hij hen bedankte voor hun werkonderbrekingen op 10 november, en die het belang van zulke akties van internationale solidariteit onderstreepte. Onder de aanwezige vakbonden waren er meerdere die de eis voor Mumia's vrijheid naar voren brachten. Het vakblad van de bankbediendes van Rio, Diário BancáRio (16 november) bevatte een kader over "Abu-Jamal: Zwarte journalist, ter dood veroordeeld in het land van Uncle Sam." In het bulletin Surgente (18 november) van de olieraffinaderij-vakbond (Sindipetro) verscheen een artikel dat de demonstratie aankondigde. In dat artikel stond een foto van Mumia met de oproep voor bevrijding van de "anti-racistische militant die ter dood veroordeeld is." De vakbond van de postbeambtes riep ook op voor Mumia's vrijheid in het novembernummmer van haar vakbondskrant O Grito Ecetista, wat ook de vakbond van de werknemers bij sociale verzekeringen (Sindiprevi) deed. 

Bovendien hadden aanhangers van de Verenigde Zwarte Beweging, de Commisie voor Proletarische Cultuur, Anarchisten Tegen Racisme, de PSTU (Verenigde Socialistische Arbeiders Partij - aanhangers van de overleden Nahuel Moreno) en Ação Socialista (een scheuring uit de Morenonites) pamfletten, protestborden of spandoeken met de oproep voor Mumia's vrijheid. 

Vanguarda Operária
Leraren in de stad en staat Rio de Janeiro, Brazilië hielden werkonderbrekingen op 23 april 1999 om de vrijheid te eisen van Mumia Abu-Jamal. De aktie, uitgevoerd voor een uur gedurende de dag- en avonddiensten, was aangekondigd door de Staatsleraren en Onderwijs Werkers Vaksbond (SEPE), die op die middag ook een demonstratie voor het Amerikaanse consulaat had mede-gesteund die Mumia’s vrijheid eiste..

De Liga Quarta-Internacianalista do Brasil (LQB) had een contingent van zo’n 24 aanhangers die ons t-shirt droegen met de afbeelding van onze veeltalige poster met de oproep “Mobiliseer de macht van de arbeidersklasse ter bevrijding van Mumia Abu-Jamal!” Militanten van de LQB en de Internationalist Group (V.S.) spraken tijdens de demonstratie vanaf de geluidswagen van de vakbond, en daarna bij de slotbijeenkomst over de noodzakelijkheid van krachtige arbeidersaktie om de vrijheid van Mumia te winnen. De LFI-woordvoerders legden ook de nadruk op de strijd om de politie (de gewapende vuist van de bourgeoisie) uit de vakbondsbeweging te verdrijven, waarschuwden voor illusies in bourgeois “rechtvaardigheid”, en riepen op voor sterke klassestrijd tegen het populair front van klassesamenwerking. De woordvoerder van de LQB beklemtoonde dat de strijd voor Mumia’s vrijheid onderdeel is van de strijd voor zwarte bevrijding door socialistische revolutie. Honderden kopieën van het pamflet van LQB’s Vanguarda Operária over Mumia, en oproepend voor de opbouw van een revolutionaire arbeiderspartij in de strijd tegen het populaire front rond Lula’s sociaal-democratische Arbeiders Partij (PT) en de reformistische CUT, werden onder de participanten verspreid.

De strijd voor mobilisatie van de arbeidersklasse om Mumia’s vrijheid te winnen was een centraal aandachtspunt van de demonstratie op 22 november, en de strijd gaat door. In 2 vakbondsvergaderingen op 24 november, stemden ongeveer 600 bankbediendes enthousiast voor het opnemen van de oproep Mumia te bevrijden als één van de officiële eisen van hun staking van de volgende dag. Diário BancáRio (26 november) merkte op dat “Arbeiders van Banco do Brasil op hun vakbondsvergadering van woensdag opname van vrijheid voor de zwarte Amerikaanse journalist Mumia Abu-Jamal als één van de eisen van de stakingsbeweging hadden goedgekeurd.” De Landbouwkundige School in Pinheiral, deel van de Fluminense Federale Universiteit, hield op 25 november, gesteund door de LQB, een forum over Mumia’s zaak, wat meer dan 50 studenten aantrok. De school sloot haar deuren in solidariteit met Mumia, gedurende de leraren-werkonderbreking van 23 april 1999 en nogmaals op 10 november.

Op zaterdag 27 november begon de lerarenvakbond SEPE haar educatieve conferentie met een bijzonder agendapunt over Mumia. Aan het einde van de dag stemden de meer dan 400 afgevaardigden voor het houden van een halfdaagse staking op 7 december, midden in de examenperiode, om te protesteren tegen het privatiserings- en ontslagbeleid van de volksfront-staatsregering, en om de vrijheid van Mumia te eisen. De lerarenstaking in Rio werd gehouden op dezelfde dag waarop Mumia’s advokaten de papieren in verband met z’n habeas corpus-beroep overhandigden aan het federale districtsgerechtshof van Philidelphia.

Gedurende het laatste decennium is de strijd Mumia te redden uit de handen van de beul, internationaal het middelpunt geworden van de strijd tegen de barbaarse doodstraf. De vastberadenheid van de V.S.-machthebbers om Mumia het zwijgen op te leggen is de voortzetting van de drang van de bourgeoisie de geest van zwarte revolutionairen te doen verdwijnen; van de sluipmoord op Malcolm-X en talloze Black Panthers in het kader van het provocatie en uitroeiings-programma van FBI’s COINTELPRO in de jaren ’60, tot aan de decenniumlange poging de vroegere leider van de Black Panthers in Philadelphia, Jamal te vermoorden. Dus is het van doorslaggevend belang dat deze strijd voor zijn vrijheid de juiste aandacht vestigt op het racistische, onrechtvaardige kapitalistische systeem, dat zich met name richt op minderheden, immigranten en arbeiders. Verscheidene reformistische linksen hebben opgeroepen voor een “nieuwe rechtzaak” voor Jamal, hopende zich hiermee te kunnen richten op de liberalen, die geloven dat zijn doodstraf een gerechtelijke dwaling was. Hier tegenover blijft de LFI er op aandringen dat de strijd moet zijn voor “vrijheid van Mumia Abu-Jamal”, en dat de arbeidersklasse en de onderdrukten geen illusies moeten hebben  in bourgeois  ”rechtvaardigheid.”

In de Braziliaanse arbeidersprotesten hadden de aanhangers van de sociaal-democratische stroming, geleid door de Franse Parti des Travailleurs (Arbeiders Partij) van de pseudo-Trotskist Pierre Lambert, aanvankelijk voorgesteld om gedurende de werkonderbreking van 10 november op te roepen voor een “nieuwe rechtzaak” voor Mumia. Op een vergadering van de beweging Conexão Zumbi, verbonden met de CUT, maakte LQB-woordvoerder Cerezo het bezwaar dat dit een stap terug zou betekenen ten opzichte van de werkonderbrekingen van de leraren op 23 april in Rio, die ondubbelzinnig opriepen voor Mumia’s vrijheid. Bovendien zou de oproep voor een nieuwe rechtzaak onvermijdelijk illusies bevorderen in de kapitalistische gerechtshoven, die er vanaf het begin naar hebben gestreefd ‘the voice of the voiceless’ tot zwijgen te brengen door middel van staatsmoord. Tijdens een stemming tussen “nieuwe rechtzaak” en “vrijheid” werd de kwestie scherp aan de kaak gesteld, en de oproep voor vrijheid van Mumia won. Twee dagen later, op 6 november, op een vergadering van CUT, werd de kwestie weer bediscussieerd, en de motie voor Jamal’s vrijheid won weer. 

De gebeurtenissen in Brazilië moeten ons aansporen naar nog krachtigere arbeidersakties in de geest van de Internationale Rode Hulp in de jaren ’20. De internationalistische aard van de Braziliaanse arbeiders, gemobiliseerd in solidariteit met Mumia, en de politieke strijd die door de LQB/LFI wordt gevoerd voor onafhankelijke vakbondsaktie om de vrijheid van Mumia Abu-Jamal te winnen, zou tot inspiratie behoren te dienen aan de  klassebewuste arbeiders over de hele wereld; van Zuid-Afrika, waar de doodstraf een hoofdbestanddeel was van uitvoering van de slavernij onder apartheid, tot Europa en tot in de kern van het Yankee-imperialisme zelf. 

Vertaling uit the Internationalist Nr. 8 (juni 2000)


Terug naar   Strijd voor Mumia’s vrijheid verhevigt
uit De Internationalist Januari 2002

Verbond voor de Vierde Internationale:
Postbus 2076, 3000 CB Rotterdam
E-mail : internationaalverbond@xs4all.nl
www.internationalist.org